ONZE VERENIGING 35 JAAROntstaan en Geschiedenis van de Vereniging (12e vervolg).
ACTIVITEITEN EN SUBCLUBS
KAARTCLUBS
Behalve de al eerder genoemde Bridgeclub kent de Vereniging meerdere kaartclubs in haar verleden. Al vrij snel nadat de Bridgeclub was opgericht kwam er ook een CANASTAclub. Donderdags was het bridgen en dinsdags werd er Canasta gespeeld. In de jaren ‘60-’90 was Canasta een populair kaartspel. Canasta vond zijn oorsprong in Zuid-Amerika. Je speelde Canasta Simple en de Canasta Samba.
In de Soos werd Canasta Simple gespeeld. Het was een bloeiende kaartclub. Eén van de eerste canastaspelers was mevrouw Riet Welten-Bronkhorst. Zij en haar man Antoine Welten (de ouders van Toiny Weiss en Ank Kuckartz, beiden nu bekend in de Klaverjasclub!) behoorden tot de pioniers van de Barranco. Ook o.a. An van Wees, Diny Voorzanger, Jet Bekkers, Mary van Pelt, Riet Reinders-Boin, Roelie Bron, Mies Fischer, Trudy van Nieuwenhuizen (de moeder van Ron Thoonsen) en Jane Gelens zijn bij veel van de huidige leden misschien nog bekend uit de Canastaperiode.
Door de Handwerkclub waren mooie echt leren etui’s gemaakt om de kaarten te beschermen.
Tijdens die oergezellige Canasta-avonden werd er door een klein groepje mannen (o.a. Leo Bongaards, Cor van der Zouwen en André de Vroome (met zijn tandeloze grijns) in een bepaald hoekje dicht bij de bar (!!) gezwikt met een kleine peseta-pot als inzet.
Echter rond de jaren ’96 begon een groep enthousiaste leden op woensdags KLAVERJAS te spelen. Aangezien verschillende vaste canastaspelers ook konden klaverjassen en liever op woensdag speelden, begon de Canastaclub langzamerhand uit te dunnen. Ook door terugkeer naar Nederland en overlijden van leden bleef er op het laatst nog maar een paar tafeltjes canastaspelers over en verdween de Canastaclub. In de loop der jaren is er o.a. door Neel Vos, Marty Bron en Joke Niestadt nog geprobeerd om een Canastaclub te promoten, en werd er weer een tijdje, opnieuw op dinsdags, met een paar tafels canasta gespeeld.
Tot Ruud Bleeker ook op de dinsdagavond begon met het Chinese spel MAH-JONG. Een spel, niet met kaarten, maar met stenen met chinese tekens. Mah-Jong wordt nog steeds gespeeld in de Soos op dinsdagavond, tegenwoordig onder leiding van Willie Bekkers.
De KLAVERJASclub bestaat nog steeds op woensdagavond. Diegenen die de klaverjas tot grote bloei hebben gemaakt waren Henk en Diny Beije. Jarenlang waren zij de onbetwiste leiders en de spil van de klaverjassers.Een paar keer per jaar o.a. een Klaverjasdrive met fantastische prijzen. Eens hadden ze zelfs met de Kerstdrive voor alle deelnemers een fles wijn met een etiket met een foto van de betreffende deelnemer. Heel origineel. Iedereen betreurde het dan ook dat zij na 11 jaar besloten de leiding over te geven aan iemand anders. In 2009 gaven zij het klaverjasstokje over aan Carl Fritsch en Ron Thoonsen, die op een voortreffelijke wijze de klaverjastradities voortzetten.
Ook worden de leden elke maand via De Brug op de hoogte gebracht van de puntenstand van de 5 hoogste spelers. Hier kan men dus duidelijk zien wie de keien zijn in het spel!
Tegenwoordig zijn er onder leiding van Carl en Ron op woensdagochtend in het “winkeltje” klaverjaslessen. Dus opgelet!
Wie het spel nog niet kent, kan het nu leren.
Marty Bron, maart 2011, wordt vervolgd.
ONZE VERENIGING 35 JAAR
Ontstaan en Geschiedenis van onze Vereniging (10e vervolg).
ACTIVITEITEN EN SUBCLUBS
TONEEL EN CABARET CLUB
In de begin jaren tachtig besloot een groepje enthousiastelingen o.l.v. Marianne en Vic Lemmens een toneelclub op te richten. Eerste spelers waren Piet en Jane Gelens, Riet Reinders, Marty Landhuis en Toto Rijnhart. Al snel aangevuld door Pim en Carolien Bakker, Mary van Pelt,Bart en Tienke Slot, Trudy van Nieuwenhuizen (de moeder van Ron Thoonse), Henk en An van Wees. Ook dokter Albert Ratulangie hoorde al snel tot de vaste spelers en zangers, want naast toneel werd ook aan Cabaret gedaan, met vooral ook de nadruk op liedjes, dans en muziek.
Diegenen die zich vooral inzetten voor het cabaret waren Liesbeth Arendsen Hein, Didi Hagemeyer, Mieke Luttik en Henriëtte Kromhout. Er was nog geen podium en men trad op voor het biljart, met de bibliotheek daarachter als kleedkamer. Er waren geen gordijnen en in sommige scènes fungeerde het biljart zelfs in komische bedscènes. De naam “Theater Pochette” werd bewust gekozen omdat theater zowel toneel als cabaret is.
Behalve de actieve spelers waren er toen ook donateurs. Elke donateur schonk de eerste keer een klein zakdoekje (een pochette) plus 1000 Ptas per jaar en had daarvoor dan ook gratis toegang tot de voorstellingen.
Al gauw werden er toen toneelgordijnen gekocht en de pochettes er op genaaid wat een vrolijke aanblik gaf op de donkere gordijnen.
Uiteraard waren de spelers en regisseurs allemaal amateurs, maar toch zijn er een aantal jaren professionele regisseurs geweest die alles er uit wisten te halen. Dit waren Jan Arendse (de man van Mieke Luttik), Jenny Moers en Jan Wilts. Jenny Moers en Jan Wilts hebben helaas later de club verlaten en hun eigen toneelclub opgericht.
Tweemaal per jaar (in voor- en najaar) werden er op twee achtereenvolgende dagen vrolijke en melodramatische stukken gespeeld en swingende cabaretavonden. Met uitschieters zoals de Middellandse Zee Cruise, de Amsterdamse Markt en het Circus, onder leiding en regie van Henriette Kromhout en Tienke Slot. Als vaste zangers waren daar Toto Rijnhart, Trudy van Nieuwenhuizen, Albert Ratulangie en Ton van Exter (de man van Martha Huyboom.)
Ook zijn er verschillende malen met Kerst speciale kerststukken opgevoerd, zelfs met kinderen er bij.
Echter door de terugval in het ledental werden de voorstellingen beperkt tot maar één maal per jaar en slechts één avond. De laatste twee jaar is echter ook in het najaar nog een voorstelling gegeven door Theater Pochette. Inmiddels waren de oude “pochette”-gordijnen versleten en zijn er onlangs prachtige rode gordijnen aangeschaft.
Behalve dus de eerder genoemde professionele regisseurs heeft de regie vele jaren in handen gelegen van o.a. Henriëtte Kromhout, Tienke Slot, Jan Both, Suzan Zwaan, Bé Prins, Corry van Weelderen en Ina Buitelaar. De pianomuziek werd vele jaren verzorgd door Rita Luyten, Piet Snoek en Martha Huyboom, en Bart Slot met gitaar en ukulele. Geluidseffecten en licht werden jarenlang verzorgd door Piet Gelens en Henk Jansen.
“DE DIEPKLOVERS”
Toen in 1985 de Limburgers Joost Maenen en Marij Indemans de pachters van de bar werden, besloten zij al snel dat er in de Soos Limburgs carnaval gevierd moest worden. Neen, niet één avond, maar gelijk de volle mep; 4 avonden tijdens de carnavalstijd en natuurlijk ook de 11e van de 11e wanneer de Prins werd uitgeroepen. De Carnavalsclub “De Diepklovers” (Barranco Hondo betekent Diepe Kloof) werd geboren.
Er kwam een Raad van Elf (waar uiteraard ook de oprichters van de vereniging Piet en Toos Nieuwenhuis zitting in hadden). Door deze Raad van Elf werd elk jaar in het diepste geheim uit hun midden Prins Carnaval gekozen. Het was elk jaar weer een volkomen verrassing wie dit zou zijn.
De Barranco heeft de volgende Prinsen gekend met de daarbij behorende ordes en leuzen.
Prins Swen I (Swen Matzen) met de ordes van de Koperen Cent, de Jolige Joker, de Palmera de Plata en de Lichtgewicht Pingpong Bal.
Prins Paul I (Paul Indemans) met de ordes van de Victorie Kraaiende Haan, de Altijd Volle Bota, de Zeer Wijze Kater, het Snelle Autootje en de Paljas.
Prins Piet I (Piet Gelens) met de ordes van de Contactgevende Stekker, de Zak Patat, het Allemans Eindje en het Schoentje.
Prinses Willie I (Willie Bekkers) met de ordes van de Waarheidsprekende Spiegel en Het Koffertje.
Prins Harry I (Harry Hutjens) met de ordes van het Alles Overtroevende Speelkaartje en de Staalsterke Paellapan.
Prins Hendrik I (Henk Jansen) met de ordes van Het Kegeltje en Het Overhemdje.
Jaap I (Jaap Troost) met de ordes van De Bahco, en Het Wiel.
De avonden waarop de Prins bekend werd gemaakt zijn altijd spectaculaire avonden geweest met veel verve gebracht door alle leden van de carnavalsvereniging. Ook de carnavalsavonden op de 11e van de 11e waren steeds verrassende thema-avonden.
Natuurlijk werd Prins Carnaval ook bijgestaan door zijn Hofhouding, de illustere Raad van Elf en had ieder een bepaalde functie. Naast de Prins stond de Grootvorst, wiens taak het was de Prins te leiden en het woord te voeren. Bekende Grootvorsten zijn geweest Joost Maenen, Paul Indemans, en Henk Jansen.
ONZE VERENIGING 35 JAAR Ontstaan en Geschiedenis van onze Vereniging (10e vervolg).
AKTIVITEITEN EN SUBCLUBS.
EVENEMENTENCOMMISSIE
Een evenementencommissie werd ook al snel gevormd. Niet zozeer een subclub, maar meer een team van enthousiaste leden. Ontstaan uit het idee om toch elk jaar weer opnieuw vaste activiteiten te organiseren en vooral de sociale contacten onder elkaar te versterken met het vieren van de traditionele feestdagen, zoals Sinterklaas, Kerstviering, Oud en Nieuw en Pasen.
Er is bijna elk jaar wel een Sinterklaas met zijn Pieten in de Soos geweest. Warme chocolademelk, strooigoed en sinterklaasliedjes. Sfeervolle kerstavonden met gedichten en verhalen, kaarsendansen, ook kleine kinderen die het Kerstspel opvoerden. En natuurlijk zijn
er ook vaak in samenwerking met de barpachters Kerstdiners en Oudejaarsavondbuffetten verzorgd. De heerlijkste geuren kwamen uit de keuken, oliebollen, appelflappen en vuurwerk het hoorde er allemaal bij!
En dan heel traditioneel op 1 januari de Nieuwjaarsreceptie met optreden van Thomasvaer en Pieternel. De eerste tien jaar altijd opgevoerd door Piet en Toos Nieuwenhuis. Toos maakte een gedicht over alle gebeurtenissen die in het afgelopen jaar in de Vereniging hadden plaatsgevonden en in een ouderwets Twents kostuum verschenen zijn dan in de Soos. Daarna kwam het gedicht in de Brug en kon een ieder het nog eens nalezen. Latere Thomasvaeren en Pieternellen zijn geweest: Henk en Marty Landhuis, Paul Indemans en Mieke Luttik en nu kennen we dus al een aantal jaren Thomasvaer-Henk Overmeen en Pieternel-Anneke.
Het blijft elk jaar toch weer een verrassing wat er uit de Thomasvaer-pen vloeit, het mag nooit beledigend zijn …. satirisch mag!
De paasviering staat ook altijd op de lijst van de evenementen-commissie. Samen met de barpachter zijn er toch bijna altijd wel paasbrunches geweest, soms met eieren verstoppen in de tuin en een paar keer met feestelijke hoedenshows.
Omdat in de maand van Pasen ook vaak de amandelbloesem is te bewonderen, nam één van de leden, Nico Keusters, indertijd het initiatief om elk jaar een autorally, de zogenaamde Paasrally, te houden. Het idee sloeg aan. Vanaf het begin werd vastgesteld dat het team dat won voor het volgende jaar de rally moest uitzetten. Piet Nieuwenhuis gaf als een soort wisselprijs voor deze rally een kleine paellapan.
Op een gegeven moment echter is door een winnaar de rally verplaatst naar 6 december omdat dat toen beter uitkwam. Vanaf die tijd is eigenlijk de autorally altijd in december gebleven en werd toen dan ook de Sinterklaasrally genoemd. Later werd door Verhuisbedrijf Cors de Jongh een echte wisselbeker geschonken, die van jaar tot jaar overgaat op de winnaar. Tijdens deze gezellige autorally’s kunnen zich ook vaak hilarische momenten voordoen. Zo werd eens, hoog in de bergen bij Guadalest, een eenzame Sinterklaas (in de figuur van Leo Bongaards) door de politie aangehouden, want zeg nou zelf een raar aangeklede Sinterklaas in een berm die ook nog eens geen Spaans sprak. Dat was in de ogen van de Spaanse Giardia Civil wel heel erg verdacht.
De amandelbloesem werd al bijna vanaf het begin jaarlijks bewonderd, eerst alleen nog maar door groepjes leden met eigen auto die het achterland in deze mooie tijd van het jaar bewonderden, maar al gauw nam Marty het initiatief en huurde elk jaar een grote bus voor een hele dagtocht de bergen in. Elk jaar de vaste buschauffeur Alfredo en Marty als reisleidster. Eén jaar was het aantal deelnemers zo groot, dat er een tweede kleine bus werd bijgehuurd en waren er zelfs nog 7 auto’s nodig. Elk jaar weer een terugkerend evenement met verrassingen waar in de bergen het eten zou zijn. Van veel van deze tochten zijn ook nog steeds videofilms te zien en voor velen waren deze tochten ook een verkenning van het achterland waar zij zelf met hun gasten weer naar toe konden gaan.
Ook werd door deze evenementencommissie die in veel latere jaren werd omgedoopt tot Evenementen-Team, of kortweg E.T, nog in de beginjaren een paar keer Carnaval gevierd.
De eerste Prinsen (Brabanders) waren Prins Jo de Eerste (Jo Rademakers,die ook nog voorzitter is geweest) en Leo de Tweede (neen, dat was niet Leo Bongaards, Leo Bongaards was nl. de enige en echte Numero Uno).
Toen echter het Limburgse barteam Marij en Joost hier in 1985 kwam, werd in 1986 de carnavalsclub De Diepklovers opgericht, die 22 jaar lang het carnaval voor de Vereniging verzorgde. Over deze carnavalsclub volgt meer in de volgende Brug.
Ook organiseerde het Evenementen-Team feesten in de zomers, speciaal voor de kinderen en kleinkinderen van de leden die hier vaak in de zomer met vakantie waren. Vele zomers werd genoten van deze vaak spectaculaire kínderoptredens van o.a. Joepie en Pieki Maenen, Mariette Landhuis, Franny Gelens, Remco Buiter, Renate Bongaards, de kleinkinderen van Adrie Vorster, etc. Heel bekende leden van het Evenementen-Team waren Jet Bekkers (de moeder van Willie Bekkers) en Adrie Vorster. Ook Ben van Zutphen en Mieke Luttik waren vaak actief bezig met deze zomerfeesten, zoals zwemfeesten, zomerbingo’s, BBQ’s, vossejachten, etc.
Ook vast in het programma zijn de jaarlijkse koninginnedagen, koninginnebal of koninginnemarkt, 4-Mei herdenkingen, ouderwetse Hollandse spelletjesavonden, paardenraces, etc. Ook de Bingo-avonden zijn al jarenlang vaste prik. De eerste Bingo’s op touw gezet en geleid door Jet Bekkers en Swen Matzen, later voortgezet door de Bingo-missen Adrie, Marty, Luus, etc. En nu dan maandelijks georganiseerd door Karin, Anneke en Greetje.
In samenwerking met de diverse barpachters werden ook geregeld thema-avonden gehouden, zoals een heuse Ski-Hütte met zuurkool en glühwein, Italiaans-Mexicaanse en Spaanse avonden, Indische avonden of dagen, met heuse rituele kaarsendans, etc.
Nog steeds is het Evenementen-Team oftewel E.T. de spil van alle gezellige avondjes, braderieën, kerstmarkten, etc.
Kortom…. de Soos is een gezelligheidscentrum waar veel gedaan wordt om het een ieder naar de zin te maken.
Januari 2011, Marty Bron, wordt vervolgd.
ONZE VERENIGING 35 JAAR
Ontstaan en Geschiedenis van onze Vereniging (9e vervolg).
Deel 9
ACTIVITEITEN EN SUBCLUBS.
Over het onstaan van de Vereniging en de geschiedenis over de bouw en verbouwingen van de diverse faciliteiten is nu wel genoeg geschreven. We gaan nu door met de activiteiten die er vanaf het begin van de Vereniging tot nu toe zijn geweest. Hieronder vallen alle subclubs en andere activiteiten. Helaas zijn er vele subclubs in de loop der jaren verdwenen, waar andere weer verschenen. Toch worden die hier ook onder de loep gehouden, wellicht komt er weer animo voor.
In De Brug van januari 2011 kan men lezen dat er momenteel zo’n dertien subclubs zijn.
De BIBLIOTHEEK die al vanaf het prille begin bestaat werd eigenlijk nooit als een subclub beschouwd, omdat dit bij de service van het Dienstencentrum hoorde. Bij de bouw van de Soos werd immers ook al rekening gehouden met een speciale bibliotheekruimte. Over de bibliotheek is al uitvoerig geschreven in één van de vorige hoofdstukken.
BRIDGE. Behalve dus de bibliotheek die al bestond vóórdat de Soos gebouwd werd en was ondergebracht in de garage van de voorlopige behuizing van de Vereniging, is ontegenzeggelijk de BRIDGE-CLUB de eerste subclub. Door de leden van het eerste uur werd al gauw (ook al in de gehuurde villa-soos) een bridge-avond ingelast. De spelers van het eerste uur waren de fervente spelers Piet en Toos Nieuwenhuis, Toon Magnin en Truus Kerkkamp. Toen de eerste Petunia-huizen werden gebouwd en verkocht en het soosgebouw in gebruik werd genomen, bleef de bridge-avond er vast in. In de loop der jaren groeide de bridgeclub uit tot één van de grootste sub-clubs en bleef het niet meer bij één avond. Er kwam een bridge alléén voor dames, en een rookvrije bridge.
Toen het maandelijkse lidmaatschap werd vervangen door een jaarlidmaatschap, kwamen er zoveel nieuwe leden bij, waarvan het merendeel bridgers waren, dat de Soos te klein werd en er een enorme verbouwing kwam. (zie vorige hoofdstukken). Terecht werd er toen in de wandelgangen niet gesproken over de “nieuwe Soos” maar over het “bridgepaleis”.
Een zeer bekende bridger is Harry Hutjens geweest, die ook nog eens Prins Carnaval is geweest en waarbij tijdens het carnaval de extra nadruk werd gelegd op het kaartspel, c.q. bridge. De carnavalsleus was toen: “We Schoppen Harry door de Ruiten”. Naast vele anderen zijn ook Frits en Joke Frielink ettelijke jaren de spil van de bridgeclub geweest en was Frits ook nauw betrokken bij de plannen van de grote verbouwing. De bridgeclub is nog steeds actief en de donderdagavond is DÈ BRIDGE-AVOND.
BILJART. Vrijwel gelijk nadat de Soos was gebouwd bleek dat er ook interesse was voor een biljart en eind 1977 werd via Martin Alsemgeest van Camping en Restaurant “De Klomp” in Albir een tweedehands biljarttafel gekocht, echter er waren maar 2 ballen bij, één witte en één rode. Nadat Toos Nieuwenhuis in een sportzaak in Alicante een set van 3 ballen had gekocht, kon de Biljartclub officieel van start gaan. De eerste twee spelers waren Jan van Wezep en Henk van Damme. Het biljartclubje groeide gestaag en in 1981 werd besloten om een nieuw biljart aan te schaffen. Ab Posthumus, ook een verwoed biljarter en lid van het Bestuur had connecties met de biljartfabriek Bierling De Schepper in Groningen. Onder de leden van de Biljartclub werd geld ingezameld, maar er bleek niet genoeg te zijn om de koop te sluiten. Het Bestuur bleek echter bereid om het tekort als renteloos voorschot aan de Biljartclub te lenen met eis tot terugbetaling in de daarop volgende jaren. De tafel werd gekocht en door Verhuisbedrijf De Haan (waarvan Paul Indemans indertijd het Spaanse bedrijf voerde) gratis van Groningen naar de Soos vervoerd. De lening werd volgens afspraak jaarlijks afbetaald. De laatste betaling was op 10 mei 1988. De oude biljarttafel (inmiddels derdehands) werd verkocht aan Monte Christo. Nadat de grote verbouwing van de Soos plaats vond en door de verhuizing van de bibliotheek naar de winkelruimte er meer plaats vrij kwam, werd door een sponsor een tweede biljarttafel geschonken. De Biljartclub was inmiddels uitgegroeid tot bijna 50 leden. Uit de kas van de Biljartclub worden jaarlijks reparaties en lakenvernieuwingen uitgevoerd, evenals aanschaf van andere hulpmiddelen, zoals bijv. biljartlampen, etc. Er worden geregeld toernooien gehouden en competities met zusterclubs, er zijn elke week biljartlessen en één keer per jaar wordt er een Nico-Bal gehouden, een gezellige feestavond, ingevoerd door Nico Keusters (ook één van de oprichters van de biljartclub) en naar hem genoemd vanwege zijn speciale effectbal. De Nico-Bal!
Nog steeds kan men caramboleren in de Club, het liefst met eigen keu!
Wordt vervolgd, Marty Bron, december 2011
ONZE VERENIGING 35 JAAR
Helaas kan door ziekte en ziekenhuisopname van Marty Bron het
7e vervolg van “het Ontstaan en de Geschiedenis van onze
Vereniging” pas in het septembernummer van de Brug verschijnen.
De Redactie
ONZE VERENIGING 35 JAAR !
Deel 1
Het ONTSTAAN, GESCHIEDENIS en WEL EN WEE van onze Vereniging gedurende de afgelopen 35 jaar.
Op één van de laatste Algemene Ledenvergaderingen heb ik (Marty Bron) als langst zijnde lid van de Vereniging (sinds de oprichting) beloofd het één en ander over de geschiedenis van de Club op papier te zetten. Aangezien dit nog wel eens lang zou kunnen worden, schrijf ik er in De Brug een maandelijks vervolgverhaal over met misschien af en toe ook nog wat oude foto´s of tekeningen.
ONTSTAAN
Het oprichtersechtpaar Piet Nieuwenhuis en Toos de Roy van Zuydewijn (beiden arts) uit Enschede hadden een vakantiehuis hier in Spanje en wel één van de kleine huisjes tegenover de ”blauwe” supermarket. Tijdens hun vakanties hier en vooral ook in de wintermaanden merkten zij dat er bij de Nederlandse bewoners een sterke behoefte was aan een Nederlandstalige instantie/club of centrum waar zij met taalproblemen vooral betreffende de gezondheid terecht konden. Piet was kinderarts en Toos arts op het consultatiebureau in Enschede. Omdat natuurlijk ook het klimaat hier in de winter beter is dan in Nederland begonnen zij in 1972 reeds te denken aan een Nederlandstalig zorgcentrum, uitsluitend voor oudere Nederlanders. Juist omdat in de “groene driehoek” tussen Calpe, Benidorm en de bergen achter ons het klimaat zeer aangenaam is, gingen zij allereerst op zoek naar een geschikt stuk grond. Dit vonden zij vlakbij hun eerste vakantiehuisje en wel in de Barranco Hondo. Komende vanaf de weg Benidorm-La Nucía stonden er in het begin van de Barranco al een aantal huizen, namelijk de urbanisatie County Estate. Gebouwd door een Spaans bouwbedrijf “Primavera S.A.” met als constructor de heer Perez Giner. De rest van de Barranco bestond nog uit terrasbouw met amandelboomgaarden,Johannesbroodbomen en dennenbossen, maar er was ook veel vlak terrein waarop gebouwd kon worden.
Het grootste gedeelte van de Barranco Hondo viel onder de gemeente La Nucía en het gedeelte waar Piet en Toos hun oog op hadden laten vallen (een bebost gedeelte maar met een kleine vlakte er tussen), behoorde toe aan de gemeente Alfaz del Pí. Dit gedeelte heette FOYA RIERA en heet nog steeds zo. Bij het constructiebedrijf van Perez Giner werkte ook een Nederlander en wel de heer Wilhelm (Wim) Isings. Als Nederlander zag hij een zorgcentrum met daaromheen apart te verkopen huizen wel zitten. Een apart bouwbedrijf “PRIMAVILLA COSTA BLANCA, S.A..” werd door de Spaanse aannemer en Isings opgericht. Naast de Spaanse architect (Nombela) werd er een Nederlandse architect aangetrokken (John Wesseling) en Henk Landhuis als verkoopmanager.
De basis was er. Grond was er. Een bouwbedrijf was er….en het zorgcentrum was ook al ingeschreven in de Kamer van Koophandel in Hengelo in Mei 1974, onder de naam “SERVICE CENTRUM COSTA BLANCA UA”. We bestaan dus eigenlijk dit jaar al 35 jaar!!! Echter met het vieren van het eerste Lustrum werd het begin van de Vereniging gesteld op 1975, het jaar waarop de eerste echte leden zich meldden.
Maar het belangrijkste ontbrak nog! Het idee was goed, er was genoeg belangstelling (door een interview met Piet en Toos op de Wereldomroep in oktober 1973) , de huisjes konden per stuk verkocht worden maar …….wie betaalde de bouw van het centrum, het zwembad en de bijbehorende zorgvoorzieningen?
Maar ook daar kwam de oplossing voor en wel in de figuur van de heer Justus Philips. Hij en zijn vrouw woonden al jaren in Moraira en hadden van de plannen van Piet en Toos gehoord. Aangezien zij zelf hier hadden ondervonden hoe moeilijk het leven hier was als men geen Spaans kende, en vooral op medisch zorggebied, stelden zij het geld in 1976 beschikbaar.
De naam van Justus Philips kan men nog steeds lezen op de gedenksteen van de eerste steenlegging van de Soos (november 1976), welke op de muur in de tegenwoordige hal onder de kapstok is ingemetseld. Bij de eerste steenlegging was ook de Consul Generaal van Nederland uit Barcelona, de heer C.J. van Geest aanwezig.
Ook het plein (de parkeerplaats van de Soos) heeft zelfs van de gemeente Alfaz del Pí ter ere van Justus Philips de naam gekregen van “Plaza Justus”. (tegenwoordig in Valenciano Plaça Justus)
Nu kon dus werkelijk met de bouw begonnen worden.
John Wesseling begon met de tekeningen die werden goedgekeurd door de Spaanse architect.
Op een terrein van 91 are en 5 centiare werd de eerst fase gebouwd, 6 blokken met in totaal 30 schakelbungalows met 1 slaapkamer (met tuintje of terras), een lokaal als centrumgebouw (de Soos), een lokaal bestemd als wasserette en winkel en een zwembad.
Het geheel werd gebouwd als Aparthotel Complejo Residencial Margarita Parquesol.
Alle bungalows werden aangesloten op een centraal gassysteem (alle huisjes hadden een gashaard ingebouwd) , een eigen elektriciteitsinstallatie onder beheer van PRIMAVILLA COSTABLANCA en elk huisje had een eigen telefoon die aangesloten zou worden op een telefooncentrale. Die centrale is er echter nooit gekomen, wel was er de beschikbare ruimte die nu onder het huis van de Spanjaard op de hoek van de parkeerplaats door een vorige eigenaar als ruimte bij zijn huis is getrokken. Deze ruimte was in het begin ook deels bestemd voor de elektriciteitsvoorziening van de Margaritas. Voor de telefooncentrale was verder ook nog de rest van de ruimte bestemd onder het blok huizen (blok F, tegenwoordig genaamd Carrer Petunies I) aan de parkeerplaats die door de Club met toestemming van de eigenaar Wim Isings (nog steeds!) als opslagruimte gebruikt mag worden. De ruimte onder deze 4 huisjes is dus geen eigendom van de huiseigenaren , maar in principe nog steeds van Wim Isings c.q. PRIMAVILLA COSTA BLANCA SA. Verder doet ons aan die tijd ook nog denken het elektriciteitsgebouwtje aan de straat dat later door Hidro Electrica is overgenomen alsmede het gashuisje dat tegenover de ingang van de parkeerplaats staat.
(wordt vervolgd; Marty Bron, november 2009)
Deel 2
ONZE VERENIGING 35 JAAR !
Ontstaan, Geschiedenis en Wel en Wee van onze Vereniging (vervolg)
Het centrale gassysteem is jarenlang in gebruik geweest, ook voor de grotere woningen, en hier en daar ziet men nog steeds (vooral bij de Margaritas) aan de buitenkant gasleidingbuizen zitten. Aangezien dit propaangas was hebben veel huizen nadat het centraal gassysteem was afgeschaft de wandkachels om laten bouwen voor butaangas. Op de Barranco waren 3 centrale gassystemen (propaan) en wel bij de 30 Margaritas, de 25 Orquídeas en de Palmeras. Doordat er problemen ontstonden met de bestellingen van het gas door een tekort aan geld omdat een deel van de bewoners hun gasverbruik niet betaalde, zijn helaas deze gassystemen afgeschaft en moest iedereen dus overschakelen op de oranje flessen butaan.
Onder blok E (6 huisjes, tegenwoordig Carrer Petunies I-bis) kwam het hoofdgebouw en onder blok B (4 huisjes, tegenwoordig Plaça Justus 2) de wasserette en de winkel. (Momenteel in gebruik als bibliotheek en computer/les ruimte.)
Met de bouwmaatschappij die ook grotere villa´s bouwde (allen met bloemennamen, hierover later) werd overeengekomen dat de huisjes genaamd Las Margaritas (de Margrietjes) alleen verkocht zouden worden aan Nederlanders, met de verplichting lid te worden van het Servicecentrum. Iedereen die een groter huis kocht, kon ook lid worden. Maar lidmaatschap was alléén voorbestemd voor degenen die op de Barranco woonden. Dit is nog heel lang zo geweest. Uitsluitend Barranco Hondonezen!
Aangezien er zich reeds leden aangemeld hadden voordat de huisjes en de Soos af waren, werd er een voorlopig clubgebouw gehuurd (het tegenwoordige huis van Joke Holleman). Hier werden koffieochtenden gehouden (Toos had een prachtige grote koperen Twentse koffiekan) en boeken uitgewisseld. De eerste leden waren het echtpaar Fleischer en Wim Blokker, ook Toon Magnin (die de eerste voorzitter werd in november 1977) en Truus Kerkkamp.
Door onze connectie met Piet en Toos Nieuwenhuis die ons al in 1973 benaderd hadden voor een eventuele baan als beheerder van de Soos werden Henk Landhuis en ik toen ook al lid. Totdat het clubgebouw bijna klaar was is dit huis als “Soos” gebruikt , met nog een tussenstop in een Margaritawoning. Piet en Toos voerden de directie.
Omdat toentertijd echter wettelijk een Nederlands zorgcentrum geen enkel recht had in Spanje werd er naast de Coöperatieve Vereniging Service Centrum Costa Blanca U.A.” op 26 januari 1978 de Spaanse vereniging “ASOCIACION CIRCULO PRIVADO LOS HOLANDESES BESLOTEN VERENIGING” opgericht, met als eerste officiële bestuur: Frederick R. Reinders als voorzitter (Frits Reinders, de man van Riet Reinders die voor velen van u nog wel bekend zal zijn en die nog heel lang op de Barranco woonde. Frits was in Nederland musicus geweest in de bekende band The Ramblers); als vice-voorzitter Johanna A.M. Pons-Scheefhals. (bekend als Jeanne Pons die tot over haar negentigste nog in één van de huisjes bij de Soos woonde. Een heel interessante vrouw die velen ook nog kennen. Zij kon prachtige verhalen vertellen uit haar jeugd toen zij met haar ouders uit Twente verhuisde naar Rusland, en in Sint Petersburg woonde. Zij had een verloofde die page was aan het hof van de tsaar en heeft menig hofbal meegemaakt); als secretaris Elisabeth Thouerbach-van der Putte: als penningmeester de heer Arnold Aoijs (beiden bewoners van een Margarita-woning) en als overige bestuursleden mevrouw Johanna Maria Fleischer, eerste lid van de Vereniging, en mevrouw Paula Müller-Kobold-Eygling.
De Margarita-woningen die in 1976 en 1977 gebouwd waren werden particulier verkocht met dus de verplichting om per persoon lid te worden. De huisjes van blok E ( 6 stuks) werden het eigendom van Piet en Toos, die de huisjes voor langere bewoning verhuurden. Ook de huurders waren verplicht lid te worden van de Vereniging. Het hoofdgebouw, de bijgebouwen (wasserette en winkel), het zwembad en een groot terrein bestemd als tuin en parkeerplaats werden officieel overgedragen en op naam gezet van de CIRCULO PRIVADO LOS HOLANDESES BESLOTEN VERENIGING op 23 oktober 1978.
Het officiële clubgebouw kreeg toen de naam “DE SOOS VAN PIET EN TOOS” welke eerst in tegels en later in prachtige smeedijzeren letters werd aangebracht boven de ingang van de Soos. Jammer dat die ooit zijn weggehaald en dat er daarvoor in de plaats “Club los Holandeses” in tegels kwam te staan. Voor veel mensen is het echter altijd “De Soos” gebleven.
Voor eigenaren en leden die in de blokken A en C (beneden het zwembad) wonen is het tegenwoordige adres: Sendero Colada de la Mallá blok 10 en 8. Het blok huizen in het straatje boven de Soos naast het huis van Ben en Zus van Zutphen was blok D, tegenwoordig Sendero Colada de la Mallá 6.
Het ledenaantal en verkochte woningen (zowel Margarita´s als ook andere woningen op de Barranco Hondo) groeide. Voor een inleggeld van Fl- 50,- en een maandelijkse bijdrage ( fl. 75,-- per persoon of Fl. 100,-- per echtpaar) werd men lid van de Vereniging en stonden alle diensten van het Service Centrum zonder bijbetaling ter beschikking van de leden. Deze diensten bestonden in eerste instantie o.a. uit een eigen dokter met dagelijks spreekuur (Piet Nieuwenhuis, (later ook wekelijks een spreekuur van een Spaanse arts voor ziekenfondspatienten)), verpleegsters, een mooie Sociëteit met bar en keuken, gerund door vrijwilligers, een wasserette en winkel en een bibliotheek. In een later stadium werden de diensten nog uitgebreider. Maar daarover later.
In november 1978 kwam de Ambassadeur der Nederlanden, Zijne Excellentie de heer L.J. Goedhart uit Madrid om officieel de “Soos van Piet en Toos” te openen, waarbij met een hengel uit het zwembad een groot bord met daarop geschreven: “SERV.CENTR. COSTA BLANCA, geopend 17-11-78” werd gevist.
Tot zover het tweede verslag over het ONTSTAAN van onze Vereniging.
In de volgende Brug van februari 2010 kunt u weer meer ontdekken over het verleden van de Vereniging.
Wordt vervolgd, Marty, december 2009
Deel 3
ONZE VERENIGING 35 JAAR !
Ontstaan, Geschiedenis en Wel en Wee van onze Vereniging (3e vervolg)
De servicediensten en faciliteiten (inbegrepen bij het maandelijkse lidmaatschap van 75,-- gulden)
A. Medische zorg:
Het idee van Piet en Toos Nieuwenhuis om een Nederlands Zorgcentrum in Spanje op te richten was uniek in Spanje. En we kunnen dan ook met recht zeggen dat onze Vereniging de eerste van deze soort in Spanje was. Er waren al wel Nederlands sprekende sociale clubs (o.a. de NVCB), maar nog geen enkel zorgcentrum. De belangrijkste doelstelling was de medische zorg, met daarnaast nog vele andere diensten.
Piet, die als kinderarts in Enschede zijn praktijk had, moest het voor zijn gezondheid rustiger aan gaan doen. Ze verhuisden nu eerst naar de urbanisatie Montebello in La Nucia, begonnen vandaaruit hun plannen te verwezenlijken en lieten een huis bouwen op de Barranco Hondo dicht bij het service-centrum. In 1975 kwamen Piet en Toos samen met hun kinderen Bob (16) en Rienke (12) voorgoed in Spanje wonen, waar beide kinderen naar een Spaanse school gingen. Hun zoon Bob woont nog steeds in Spanje, in Barcelona, met zijn Spaanse vrouw en kinderen. Aangezien Piet toch niet stil kon zitten was hij zelf de eerste tien jaar de dokter van de Vereniging met dagelijks spreekuur en voor die leden die toendertijd al aangesloten waren bij het Spaanse ziekenfonds kwam elke woensdag een Spaanse arts (dokter Antonio Segades, en na diens pensionering dokter Franco). Een Nederlandse arts kon geen recepten uitschrijven en de Spaanse arts was er dus ook om die uit te schrijven. Uiteraard was Piet als tolk ook aanwezig bij de spreekuren van de Spaanse arts.
Bij de medische zorg hoorden uiteraard ook verpleegsters. Eén van de eersten die hier kwam wonen samen met haar man (een pastoor) was Jo v.d. Weyde, van beroep vroedvrouw en eveneens afkomstig uit Twente. Vele grapjes werden indertijd gemaakt over de medische zorg op de Barranco……. Een kinderarts en een vroedvrouw voor bejaarden! Volgens Piet zat daar eigenlijk niet zoveel verschil in, beiden hadden toch extra zorg nodig!
Het streven was om altijd twee verpleegsters in dienst te hebben zodat ze afwisselende diensten konden draaien. Naast Jo v.d. Weyde kwam al gauw Nel Kruiper die ook in één van de huisjes vlakbij de Soos woonde, latere verpleegsters waren Fransje Grosmann, Neel Vos (die hier nog steeds woont in 2010), Nel van Beem die ook pedicure was en Angela Sande (van Duitse afkomst). Angela heeft ook jarenlang hier bekend gestaan als de “Marlene Dietrich “ vanwege haar prachtige zang en optredens bij feestavonden.
Onder de medische zorg viel ook begeleiding naar Spaanse specialisten, ziekenhuis en polikliniek. De verpleegsters waren betaalde krachten in dienst van de Vereniging.En ook de diverse artsen, zowel Spaanse als Nederlandse, werden voor hun diensten door de Vereniging betaald.
B. Wasserette:
Onder blok B (nu Plaça Justus 2) was een ruimte (eigendom van de Vereniging) die bestemd werd voor wasserette. Door één van de eerste leden, Pieter van Haaren (die in latere jaren ook voorzitter is geweest) werd een paar industriële wasmachines geschonken. In de kleine Margaritahuisjes was namelijk geen ruimte genoeg om daar ook nog wasmachines te plaatsen en als extra service werd dus de wasserette in gebruik genomen. Maar met zulke grote machines kun je niet zomaar een “klein wasje” doen en werd alles op de grote hoop gegooid, met hilarische effecten. Zo kreeg Leo Bongaards (Leo 1) ineens roze onderbroeken vanwege de rode truitjes van Meta Elbersen! Aangezien deze grote machines toch wel erg bewerkelijk bleken te zijn werd later besloten deze af te schaffen. Pieter van Haaren kreeg de wasmachines terug en er werd een normale kleine wasmachine geplaatst in de kast naast de achteringang van de keuken.
Deze kast is nu te vinden in de ruimte die later, naast het aangebouwde deel van de keuken , werd aangebouwd en die nu dienst doet als opbergplaats van de tafeltennistafels (leuk woord trouwens… of had ik de officiële benaming pingpongtafels moeten gebruiken??).
Om onkundig gebruik te voorkomen werd Adrie Vorster benoemd tot beheerster van het washok en is er toen zelfs nog een kleine feestelijke opening geweest van de ADRINETTE. Deze Adrinette heeft jarenlang zijn diensten bewezen maar is uiteindelijk toen de wasmachine de geest gaf maar opgeheven omdat toen ook het lidmaatschap veranderde en er drastisch gekort werd met de service-diensten. De ruimte waar de eerste wasserette was werd later nog jaren gebruikt als kantoorruimte met Marty Landhuis als secretaresse van de Vereniging en daarna als spreekkamer van dokter Ratulangie. Nadat dokter Ratulangie zijn praktijk sloot werd deze ruimte nog een tijd als opslagruimte verhuurd aan Piet Gelens. Momenteel (2010) is het een onbestemd rommelhok wat nodig een rigoureuze opknapbeurt nodig heeft!
C. Winkel:
De ruimte naast de wasserette (eveneens eigendom van de vereniging) werd de eerste tien jaren gebruikt als winkel voor de eerste levensbehoeften. Men kon hier dagelijks vers brood, groenten en kruidenierswaren kopen. Ook was er een bescheiden aanbod van alcoholische dranken. Hierdoor bleek men ook al gauw op de hoogte te zijn dat men vooral sherry moest inkopen. De sherryflessen vlogen de winkel uit en werden nog meer verkocht dan het dagelijks brood! De eerste jaren werd de winkel uitsluitend door vrijwilligers gedraaid, maar toen bleek dat er toch veel werk aan vast zat o.a. met de inkoop en dagelijkse bemanning, werd besloten om de winkel uit te besteden en zo kwam ons aller Paco hier, samen met zijn vrouw Isabel, hun zoon Miguel en hun dochter Rosie. Isabel hielp mee in de winkel en in latere jaren ook Rosie.
Toen Paco de winkel niet meer deed heeft hij nog jaren met zijn vrouw Isabel in Guadalest een winkeltje gehad waar je naast souvenirs ook heerlijke honing uit de streek en lekkere Moscatel kon kopen. Vele leden bezochten daar Paco en konden altijd rekenen op een paar glaasjes Moscatel.
De ruimte van de winkel werd daarna een aantal jaren verhuurd aan o.a. Verhuisbedrijf Cors de Jongh (Paul Indemans) en Boutique Adrienne, een Engelse, die leuke tweedehandskleding verkocht. Toen Adrienne terugging naar Engeland deed zij haar zaak over aan Mary (eveneens Engels) . Boutique Adrienne werd dus Boutique Mary! Inmiddels heeft Mary nu al jaren haar boutiek in Alfaz del Pi.
Na de grote verbouwing toen de ruimtes van de dokterskamer en de bibliotheek bij de Soos werden aangetrokken werd in de winkel een tussenschot geplaatst. In het achterste gedeelte kwam de bibliotheek. Het voorste deel werd bestemd voor vergaderruimte; Spaanse lessen; computerlessen; toneelrepetities; carnavals-prinsenhuis etc.etc.
Tot zover het derde verslag over het ONTSTAAN van onze Vereniging.
In de volgende Brug van maart 2010 kunt u weer meer ontdekken over het verleden van de Vereniging.
Wordt vervolgd, Marty, januari 2010
ONZE VERENIGING 35 JAAR
Deel 4
Ontstaan en Geschiedenis van onze Vereniging (4e vervolg)
D. Busje
Bij de service hoorde ook een goede vervoersdienst vanaf de Barranco naar Benidorm, Alfaz en Altea. Veel van de eerste bewoners, c.q. leden, die in de Margarita- en Petunia- huisjes woonden, hadden geen auto en dus geen vervoer. Maar zij wilden ook wel eens naar de diverse markten of de kapper.
In de eerste jaren was er een vrijwillige vervoersdienst, maar met de komst van Paco van de winkel werd een busdienst gerealiseerd. De Vereniging kocht een klein busje (8 personen) en Paco die toch eigenlijk ook dagelijks inkopen voor de winkel moest doen, werd nu ook buschauffeur.
Het busje was eigendom van de Vereniging en stond ook elk jaar op de balans. Een verdeelsleutel werd gemaakt voor benzineverbruik deels voor Paco vanwege zijn winkel en deels voor de Vereniging voor de leden die gratis gebruik maakten van deze service. En zo kwam het dat Paco elke ochtend om half tien klaar stond. “ Busje komt zo, busje komt zo” is dus een bekend lied geworden. Er werd veel en dankbaar gebruik gemaakt van ons busje!.
U kunt zich voorstellen dat er vaak hilarische momenten waren met Paco z’n busje. Zo hilarisch dat er zelfs op de avond van het tienjarig jubileum een sketch daarover werd opgevoerd. Bram Vorster speelde de buschauffeur. Bram werd later ook bekend onder de naam van “Abraham von Karajan” toen hij met Carnaval een heus orkest dirigeerde. Zijn vrouw Adrie Vorster (ook bekend van de wasserette Adrinette) speelde o.a. één van de dames in de bus. Op Adrie komen we later weer terug.
Onze busdienst Barranco Hondo functioneerde vele jaren. Echter toen Paco ophield met zijn winkel en onze buschauffeur dus verdween, werd de bus verkocht. Ook al omdat er net in die tijd een nieuwe echte Spaanse buslijn zou komen Benidorm-Alfaz-La Nucia, die door de urbanisatie Barranco Hondo kwam te lopen en daar verschillende haltes zou hebben.
Dit zou dus een ideale oplossing geweest zijn, ware het niet dat deze busdienst door de Hollandse kruideniersgeest volledig werd genegeerd. Men had immers jaren voor niets vervoer gehad, waarom dan nu voor een buskaartje betalen…………als er toch wel altijd iemand te vinden was die je gratis naar de kapper bracht of toevallig ook naar de markt ging!!
De Spaanse busdienst in de Barranco werd derharlve na 3 maanden al opgeheven; er stapte toch niemand in of uit op de Barranco!!
Dag Paco, dag bus. Het einde van één van de eerste diensten van de Vereniging. Het geld wat de bus opbracht kon voor andere doeleinden gebruikt worden.
E. Sociëteit
In het hoofdgebouw kwam de Soos, een ruime kantine met grote keuken. Hier konden vele activiteiten plaatsvinden. De nu bestaande ingang met hal was er toen nog niet. De hoofdingang van de Soos was de glazen deur wat nu de deur is vanaf de hal de Soos in. Naast de plaquette van de eerste steenlegging in de muur onder de kapstok in de hal, was de ingang naar de dokterskamer, waar Piet elke dag zijn spreekuur had. Bij de oude ingang van de Soos waren aan de linkerkant kleine toiletten. Ook was nog aan de achterkant van de Soos bij het zwembad een toilet dat er nog steeds is, naast de doucheruimte en de machinekamer. Het grote raam dat bij de ingang en het biljart is, was er toen nog niet. Deze dateert uit de tijd van de grote verbouwing van het clubgebouw.Bij de grote verbouwing werd de ruimte bij de (oude) ingang van de Soos en dokterskamer overkapt, er kwam een nieuwe ingang en de bestaande binnentoiletten werden nu in deze nieuwe ingangshal gebouwd.
In dit hoofdgebouw was ook de een aparte ruimte voor de bibliotheek. De tegenwoordige ruimte waar nu het achterste biljart staat, was de dokterskamer. Waar nu het tweede biljart staat, was de bibliotheek-ruimte met ook weer een tussenmuur en een deur de Soos in.
Bij de toenmalige ingang van de Soos en de wand van de bibliotheekruimte tot de eerste dikke vierkante pilaar (er waren 3 dikke pilaren) stond een heel groot aquarium dat door Piet onderhouden werd.
De bar was ook kleiner. Waar nu de deur naar de keuken is, was een telefooncabine, die op een teller liep. Aan de bar moest voor telefoongesprekken via de teller betaald worden. Deze telefoon was uitsluitend voor leden. Voor niet-leden was er op het parkeerterrein naast het soosgebouw een telefooncabine van Telefonica España.
Toen wij hier in 1974 kwamen wonen had 99% van de bewoners geen telefoon. Om een telefoon aan te vragen moest je eerst 100.000 Pesetas betalen (€ 600) en de wachttijd was minimaal 3 jaar! Geen wonder dat niemand telefoon had, en mobiele telefoons waren er toen nog niet. Althans niet in Spanje.
De bar was ook niet zo lang als nu met in de ronding de rokershoek. De bar was tot aan de pilaar en dan daar net even het hoekje om. De deur die nu vanuit de bar/rokershoek de keuken in gaat was er niet. In plaats van de kleine tegeltjesmuur, bestond de hele zijgevel uit een groot raam met mooi uitzicht op het zwembad. De bijkeuken was toen gewoon een open ruimte met daar ook de kast van de wasserette. De keukendeur naar de bijkeuken was de ingang vanaf het terras naar de keuken. In de zomermaanden kon men dus altijd die deur openzetten en had men veel meer ventilatie, echter wegens plaatsgebrek voor kratten, etc.., werd die ruimte overdekt en werd het de bijkeuken. Tot zover de vroegere indeling van de Soos, tot er op een gegeven moment zoveel nieuwe leden waren bijgekomen dat de Soos te klein was en men besloot tot verbetering en uitbreiding.
Wordt vervolgd, Marty, februari 2010
ONZE VERENIGING 35 JAAR
Deel 5
Ontstaan en Geschiedenis van onze Vereniging
E. Sociëteit - Bar en Keuken
Vanaf het begin was duidelijk dat de Vereniging in een grote behoefte voorzag. Afgezien van de medische en later de administratieve diensten, was er een grote behoefte aan gezelligheid en sociale contacten. Hoe kon men het beter treffen! Een eigen gebouw, waar de Soos met grote keuken, een gezellige bar, een grote zaal voor activiteiten en een bibliotheekruimte de waarborg voor een bloeiend verenigingsleven bood. In de eerste jaren werd, net zoals de beginjaren van de winkel, de keuken en bar bemand door vrijwilligers. Grote supermarkten waren er toen nog niet, men kocht alles in op de typische diverse Spaanse marktjes in de buurt. Om de beurt had men dienst in de winkel, bar of keuken. Bekende pioniersnamen uit die tijd zijn Ben Lukas, Tiemen en Mientje van de Reyken, Cock Bayards en Henk Smeets. Het ledental groeide en groeide, mede ook omdat de huizen als paddestoelen uit de grond schoten. Daardoor werd er teveel gevraagd van de vrijwilligers. Uiteindelijk behoorden zij ook tot de groep waarvoor juist het Zorgcentrum was opgericht en waren zij juist hier komen wonen om in alle rust en onbezorgd te kunnen genieten van het Spaanse klimaat en hun oude dag. Daarom werd na een aantal jaren besloten om de bar en keuken aan pachters over te laten.
De eerste pachters (rond 1978) waren Piet en Atie van Diggelen die met hun zoon Peter hun geluk in Spanje zochten. Piet kon erg goed koken en vanwege zijn culinaire hoogstandjes had hij naast de bar (waar nu de rokershoek is en wat toen nog vrije ruimte was) een speciale afgeschermde intieme plek gecreëerd. Dit werd “Le Petit Restaurant” genoemd en men kon er heerlijke verfijnde hapjes eten.
Het eerste lustrum van de Vereniging (door Piet Nieuwenhuis en het toenmalige bestuur werd met het oog op vieren van lustrums het jaar 1975 aangehouden als officieel beginjaar) werd in 1980 gevierd met een groots buffet, op voortreffelijke wijze door Piet verzorgd met pianomuziek van hun vriend Rob, later bekend geworden als dè pianist van restaurant Los Rubios, een hele grote witte badkuip (aangedragen door de bouwmaatschappij Primavilla) gevuld met ijsklonten en flessen champagne. Veel mensen zijn op dit eerste lustrum afgekomen, vooral uit de streek rond Moraira waar Justus Philips vandaan kwam en bracht veel nieuwe leden op. Men had vertrouwen in het zorgcentrum van Piet en Toos Nieuwenhuis. Het bleek echter dat de toekomst van Piet en Atie toch niet in Spanje lag. Atie was vaak ziek en voor hun zoon Peter misten ze toch wel het Nederlandse schoolsysteem. Rond 1981/82 gingen zij terug naar Nederland en brak het tijdperk aan van weer afwisselend vrijwilligers en een lange rij van pachters. Aan deze vrijwilligers die de bar èn keuken konden bemannen tussen de diverse pachters door was gelukkig geen gebrek. In die periode waren o.a. de vaste vrijwilligers Pim en Carolien Bakker, Evert en Lily v.d. Klift, Piet en Jane Gelens. Afgewisseld door diverse pachters zoals de familie Brandon (met twee kleine kindertjes) en de familie Donker (die als bijverdienste honden trimde op de grote keukentafel!) En zo rommelden we maar door totdat eindelijk in April 1985 (het jaar van het tweede lustrum) er weer vastigheid in de bar en keuken kwam. Het legendarische stel Joost Maenen en Marij Indemans werd door het toenmalige bestuur (voorzitter Ger Beck en secretaris Ab Posthumus) benaderd voor de functie van pachters. Gelukkig zeiden zij JA. De komst van de Limburgers bleek een aanwinst voor de vereniging te zijn. Nadat zij het feest van het tweede lustrum meemaakten (waarop later wordt teruggekomen) hebben zij in 1986 de carnavalsvereniging “De Diepklovers” opgericht. Helaas is deze carnavalsvereniging, na 22 jaar uitbundig carnaval met ons gevierd te hebben, in februari 2008 opgeheven. Op deze unieke carnavalsvereniging kom ik later terug.
Wordt vervolgd, Marty Bron, maart 2010
ONZE VERENIGING 35 JAAR
Deel 6
Ontstaan en Geschiedenis van onze Vereniging
E. Sociëteit - Bar en Keuken
Van 1985 tot 1992 hebben Joost en Marij op voortreffelijke wijze de scepter in bar en keuken gezwaaid. Er wordt nog over hun pannenkoekavonden gesproken! .Joost en Marij waren een voortreffelijk team, bijgestaan door Harriët Maenen, zowel achter de bar als in de keuken. Helaas bleek na zoveel jaren dat de verdiensten uit de Soos toch te weinig bleek voor twee gezinnen en mede voor de scholing van zijn twee kinderen (Joost en Harriët hadden twee zoontjes, Joepie en Pieki) nam Joost in 1992, samen met zijn vrouw Harriët, het besluit om terug te keren naar Nederland. Marij en haar man Paul Indemans bleven gelukkig op de Barranco wonen. Paul had intussen zijn eigen verhuisbedrijf en Marij heeft zich in latere jaren nog zeer verdienstelijk gemaakt in o.a. de zorg-service voor onze leden. Leuk om hierbij nog te vermelden is, dat Joost en Harriët Maenen, na 12 jaar in Nederland te zijn geweest, weer teruggekeerd zijn naar Spanje en opnieuw lid zijn van de Vereniging. Op haar beurt geeft Harriët nu háár tijd en energie aan de Vereniging als redactielid van het verenigingsblad “de Brug”. Deze werd voor het eerst via een stencil afgedrukt door Toos Nieuwenhuis-de Roy van Zuydewijn met nummer 1 van augustus 1977. Ook de oudste zoon ( geen Joepie meer, maar nu Joep) is eind 2006 weergekeerd naar Spanje en is inmiddels ook weer een bekend gezicht in de Soos geworden.
Weer brak een tijd aan van afwisselend vrijwilligers en pachters. Onze “vaste” vrijwilligers meldden zich weer en als pachters kregen we nu o.a. de familie De Vries (Pa en Ma de Vries, zoon Minne en dochter Nelly). Een paar jaar ging het goed en was er weer wat vastigheid.
De familie De Vries had ook de beschikking over de enorme grote keuken in het complex Monte Cristo, waar ook veel bereid werd. De eigengebakken appeltaarten en broodjes waren heerlijk. Pa was een voortreffelijke bakker,.Ma verzorgde ook eten aan huis. Nelly stond altijd in de keuken en maakte de lekkerste en malste biefstuk.
Minne was een voortreffelijke ober! Ze hadden altijd verse groenten en kruiden die uit mijn tuin (Marty Bron) kwam. Ze hadden namelijk gratis de beschikking over een groot deel van mijn tuin als moes- en kruidentuin en zo profiteerde ik er ook nog van. Helaas ging het financieel niet zo best. Ze konden niet met zijn allen van de Soos bestaan en Nelly en haar man besloten naar Nederland terug te keren. Pa en Ma keerden terug naar de keuken van Monte Cristo waar ze nog wel een tijdje hun tafeltje-dek-je in stand hielden en Minne kreeg een vaste baan in Benidorm.
Als nieuwe pachters kregen we Anja en Ralph de Ruyter samen met nog een ander echtpaar. Zij kwamen van het restaurant camping Benisol. Hun verblijf was echter van korte duur en zo kwamen we dus weer terug naar de vrijwilligers totdat ineens Barry en Ria opdoken. Barry en Ria de Nijs werden voor enkele jaren de nieuwe pachters. Barry was een all-round man, wist van alles wat, had van alles gedaan. Hij wist hoe je feest moest vieren in zijn kleurige Mexicaanse kleding en grote hoed. Men kende hem van restaurant De Picador in één van de omliggende urbanisaties en daar werd het diner ter gelegenheid van het vierde jubileum gevierd. (1995). Barry en Ria hadden twee dochters. Eén van hen, Leonie, woonde met haar Turkse man in een nieuwe badplaats in Turkije. Turkije was toen toeristisch gezien in opkomst, maar nog 20 jaar achter bij Benidorm. Wegens heimwee van Ria naar haar dochter en Barry’s zakeninstinct, die in Turkije een tweede opkomst als het gouden Benidorm zag zitten, besloten zij in 1997 de Soos vaarwel te zeggen en in Turkije een florissant bedrijf te beginnen. Geregeld zijn zij nog wel terug geweest in Spanje en bezochten dan ook trouw de Soos en hun oude vrienden. Uit die tijd stamt ook de Turkse slangenrij-dans die bij elk feestje steeds in de Soos gedanst werd, een leider voorop (bekende leider Turkse dans is ons lid Peter Plune) al zwaaiend met een witte zakdoek. Je hebt hier natuurlijk wel echte Turkse muziek bij nodig!
Er werd dus een nieuwe pachter gezocht en men vond direct al een Belgische dame die samen met haar zoon de pacht overnam.
Helaas bleek al in zeer korte tijd dat de zoon aan drugs verslaafd was en ondanks dat ze heerlijke Belgische pompoensoep kon maken besloot het toenmalige bestuur om snel vervanging te zoeken.
Die werd gauw gevonden, namelijk in de pachterstijd van Barry en Ria leerden we Luus Slabbekoorn kennen, die vaak als hulp achter de bar stond. Luus zag het wel zitten om samen met haar man Bert Slabbekoorn deze klus te klaren en zo stond zij vanaf half 1997 vast achter de bar. Zij hield het vol met een korte onderbreking tot 2002. Echter toen Bert in 2002 kwam te overlijden en Luus alleen de pacht niet kon volbrengen, gaf zij als pachtster het stokje door aan Richard Terbraak. Deze was ook al een oude bekende in de Soos, omdat hij al ten tijde van Ria en Barry en later ook bij Luus altijd bereid was te helpen achter de bar. Veel mensen kenden hem ook al, omdat hij op de Barranco Hondo woonde en ook vaak een plekje had op de Hollandse braderies van de vereniging. Door Richard hebben ook veel leden zijn partner Charl leren kennen, die met zijn kapsalon in Benidorm veel van onze vrouwelijke leden “keurig gekapt” houdt en onze eigen “grimeur” is bij carnaval, toneeluitvoeringen en andere optredens. Richard die als enige in de rij pachters de bar alléén zonder hulp pachtte had eigenlijk nog meer hooi op zijn vork. Zo hield hij ook van tuinieren en was ook bezig in huizenverhuur. Alles tegelijk doen ging echter niet en in 2004 besloot Richard zijn pachtcontract niet te vernieuwen.
Nieuwe pachters werden gevonden in het echtpaar Hans en Ingrid Jansen (met twee kinderen). Hun pachtcontract werd in 2005 niet verlengd omdat o.a. Hans terugging naar Nederland.
De volgende pachter was Brigille. Ook haar pachtcontract werd in 2006 niet verlengd.
Zo belandden we dus in het jaar 2006, waar net voor de drukke carnavalstijd de pacht werd overgenomen door het Groningse echtpaar John en Emma Wolswijk. Nu anno 2010 plukken wij nog steeds de vruchten hiervan. John blinkt vooral uit in het bereiden van geweldige buffetten, het opzetten van de website van de Vereniging en zijn bereidheid altijd klaar te staan.
Wordt vervolgd, Marty Bron, april 2010
ONZE VERENIGING 35 JAAR
Ontstaan en Geschiedenis van onze Vereniging (7e vervolg)
E. SOCIËTEIT. (vervolg)
2. Bibliotheek.
De bibliotheek werd eerst ondergebracht in het provisorische clubhuis (het huidige huis van Joke Holleman) en wel in de garage. Piet en Toos Nieuwenhuis hadden vanuit Nederland 300 boeken meegebracht. De bibliotheek bestaat dus al vanaf het prille begin. Bij de bouw van de Soos werd dus ook gedacht aan een aparte bibliotheekruimte (waar nu o.a. het eerste biljart staat) en zodra de Soos klaar was verhuisden de boeken daarheen, inmiddels door schenkingen van leden al aardig uitgebreid. Men kon gratis boeken lenen, dit behoorde tot het servicepakket van de Vereniging. Echter vanaf 1992, toen er een drastische verandering kwam in het lidmaatschap, verviel o.a. ook de gratis bibliotheek uit het dienstenpakket en moest men daar voortaan apart voor betalen .
Bij de grote uitbreiding en verbouwing van de Soos in 1996 werd de bibliotheekruimte bij de Soos getrokken en verhuisden de boeken naar de voormalige winkel, waar een tussenmuur was gebouwd om zo een nieuwe ruimte te creëeren en de boeken te scheiden van het computergedeelte (zie voor deze verbouwing en uitbreiding ook De Brug van februari en maart 2010). De bibliotheek is daar nu nog steeds gevestigd.
Oude boeken werden door de jaren heen verkocht op Kerst- en Koninginnemarkten en behalve de schenkingen van de boeken werd de bibliotheek geregeld aangevuld met nieuwe boeken uit Nederland. Momenteel zijn er bijna 2.200 boeken. Een ruime keuze dus, ook zijn er Engelse boeken.
De bibliotheek wordt gerund door leden van de club en uitsluitend door vrijwillligers.
Zij verzetten bergen werk! Inventariseren, lijsten bijwerken, boeken sorteren, nieuwe boeken aanschaffen, geleende en niet teruggebrachte boeken achterhalen, etc.
Kortom er is altijd werk aan de winkel . Hulde aan allen die hieraan meewerk(t)en! Bekende bibliotheekdames (gek eigenlijk, er hebben nooit heren aan meegewerkt!) zijn o.a. Marianne Lemmens, Til Leynse, Mary van Pelt, Bobby Holleman, Truus Kerkkamp, Mieneke Norde, Hennie Wilhelmi, Annet v.d. Berg, Mimi Jansen, Fijda, Marieke Paulus en Minca Koopmans.
Bent u nog nooit in de bibliotheek geweest, dan raad ik u aan eens te gaan kijken en de lijst van de boeken door te nemen. Er zal beslist wel iets van uw gading bij zijn.
3. Kantoor en Administratieve Diensten.
Naast de medische service (dokter en verpleegsters) was ook de administratieve dienst heel belangrijk voor de leden; dit was inbegrepen in het servicepakket. Piet was de medische man en Toos de administratieve vrouw. Zij zat de eerste jaren ook in het bestuur als secretaresse. Al het nodige papierwerk werd de eerste jaren door haar geregeld, zoals ook de Spaanse administatie en belastingen. De penningmeesters van het Bestuur deden de boekhouding en maakten een Nederlandse balans voor het Servicecentrum Costa Blanca en Toos op haar beurt maakte jaarlijks voor de Circulo Privado Los Holandeses een Spaanse balans (waaruit duidelijk moest blijken dat de vereniging GEEN winst maakte!) en regelde alles samen met de Spaanse advocaat Yribarren uit Altea met de Spaanse instanties en belastingdienst.
Eerst werkte ze vanuit hun eigen huis, maar toen de Soos gereed was, werd het administratieve kantoor ondergebracht in de dokterskamer bij de ingang van de Soos (waar nu het achterste biljart staat bij het raam). Al gauw bleek dat er een grote behoefte onder de leden was betreffende hulp en tolken bij Spaanse instanties, zoals banken, gestoren, belastingdienst, verkrijgen van residencias, omzetten van rijbewijzen, etc. Aangezien het ledental groeide en het werk zich opstapelde kon Toos het niet meer in haar eentje aan en werd al gauw een spaanssprekende secretaresse in dienst genomen. Jana van Muyen uit Altea kwam 3 ochtenden in de week het kantoor bemannen en nam veel werk uit handen van Toos, vooral met name bij het begeleiden en tolken voor de leden.
Ook Piet als medisch directeur kreeg steeds meer werk met het reilen en zeilen van de Vereniging, niet alleen op het medische vlak maar ook de sociale contacten met de leden. Er werd toen besloten een coördinator-directeur in dienst te nemen. In 1981 onder het bestuur van Pieter van Haaren werd Herry Claesen in dienst genomen, die samen met zijn vrouw en dochter in Altea woonde. Echter na een paar jaar vertrok Herry en werd directeur van het meditatiecentrum El Bloque. Hij werd opgevolgd door Dick Wentholt, een marineman, die met zijn Engelse vrouw Pat naar Spanje was gekomen. Zij woonden op de Barranco in het huis waar nu Paul en Marij Indemans wonen. Pat, die uitstekend Nederlands sprak, hielp Jana op kantoor, verzorgde de verhuur van huisjes en hield de petty-cash bij. Jana kreeg echter een dochtertje en ging terug naar Nederland. Zij werd in 1983 opgevolgd door Marty Landhuis, die zich volledig inzette voor de Vereniging. Door de vele werkzaamheden die zij kreeg en het nog steeds groeiend aantal leden werd het noodzakelijk het kantoor ergens anders onder te brengen dan in de dokterskamer waar ook dagelijks de spreekuren van de dokter waren. Het huisje op de hoek bij de ingang van de parkeerplaats, F-4, werd gehuurd van mevrouw Kramer. Hier was ruimte genoeg , met een aparte archief- en wachtkamer. Het kantoor was nu dagelijks open. Zij nam de verhuur en de pettycash van Pat Wentholt over, deed de boekhouding, maakte balansen (bijgestaan door accountant Taco v.d. Woud die in het Bestuur zat, ledenadministratie, alle nodige administratie en sociale contacten met de leden. Dagelijks was er werkoverleg met Dick Wentholt en Ab Posthumus, de toenmalige secretaris. De post die toen nog dagelijks in de Soos werd afgegeven, werd verzorgd en bij de leden thuis gebracht door zijn vrouw Diet Posthumus. Zij werd “de postduif” genoemd. Ook De Brug werd maandelijks op kantoor getikt op een groot stencilvel. Computers hadden we toen nog niet! De Vereniging had een grote stencilmachine (nog met de hand draaien!) die op kantoor stond. Over De Brug vertel ik later iets meer.
Dick Wentholt was bij de marine geweest, had veel contacten en was een uitstekende P.R.-man.
Hij bracht leven in de brouwerij en heeft samen met de toenmalige evenementencommissie (waar Jet Bekkers, de moeder van Willie Bekkers, jarenlang de leiding van had) heel wat gezellige avonden geleid. Van het tienjarig bestaan (1985) en schitterende optredens van leden (o.a. Jet Bekkers en Sven Matzen, Bram en Adrie Vorster, Jane Gelens, Fransje Grosman) zijn nog prachtige videos. Ook werd onder zijn bezielende leiding met veel leden nog een bezoek gebracht aan de Nederlandse vloot die in de haven van Alicante lag en wij mochten zelfs één van de schepen bezoeken. Van dit bezoek moeten ergens in de Soos (?) nog ingelijste foto’s liggen. Het was een glorietijd van de Vereniging. Helaas werd het echtpaar Wentholt na enkele jaren te duur voor de Vereniging en keerden zij terug naar Nederland.
Inmiddels was het kantoor verhuisd. F-4 werd verkocht en nu werd het huisje B-1 gehuurd van Gerrie Cats. (het huisje waar tegenwoordig de Spaanse Lucia in woont, tegenover de Soos, naast Ron en Elly). Daar heeft het kantoor nog een paar jaar gezeten tot Gerrie Cats er zelf wilde gaan wonen, weg uit Monte Christo.
Het kantoor werd toen overgeplaatst naar de ruimte naast de winkel (nu computer-bibliotheek) en is daar gebleven tot 1992.
Wordt vervolgd, Marty Bron, augustus 2010
Rectificatie: door één van de oplettende lezers werd ik er op geattendeerd dat verpleegster Angela Sande die ik noemde in de Brug van februari, geen Duitse, maar een Noorse was.
Ook vergat ik daarbij te vermelden dat Gerda Besseling eveneens verpleegster van de Vereniging is geweest.
Sorry, hierbij hersteld!
Marty
Het verpleegfonds heeft nog gefunctioneerd tot in 1996 de Kruisvereniging deze hulp verder mogelijk maakte. Het begrafenisfonds en hulp bij begrafenissen bleef eveneens nog een aantal jaren bestaan. Daarnaast werd er nog een sociale dienst in het leven geroepen van vrijwilligers onder leiding van Trudy van Dongen. Ook Marij Indemans heeft hieraan nog een steentje (een grote kei!) bijgedragen. Als extra service voor de leden was er ook geregeld een verzekeringsagent tegenwoordig in de Soos. Zo heeft Pieter Mantel hier jarenlang zijn verzekeringswerk gedaan en zit momenteel Martin Overdevest geregeld in de Soos om de leden met verzekerings-problemen te helpen.
4. Zwembad
Het zwembad vormt één onverbrekelijk geheel met de rest van de eigendommen van de Vereniging in de Escritura verbonden. Het zwembad behoort toe aan de Vereniging en niet aan het complex Margarita Parque Sol, zoals nog veel bewoners van de huizen rondom de Soos denken. Alleen leden of donateurs van de Vereniging mogen gebruik maken van het zwembad. Nadat het donateurschap kwam te vervallen werd er een zomer-zwembad lidmaatschap ingesteld. Hiermee mocht men zwemmen, gebruik maken van terras en bar maar niet meedoen met activiteiten.
Tot 1994 viel het beheer onder het Bestuur van de Vereniging. Er waren in de loop der jaren vele lekkages geweest en de reparatiekosten waren hoog. Op verzoek van het toenmalige bestuur Bert Kuit (voorzitter), Bert Norde (penningmeester) en Jan van de Berg (bestuurslid) werd de Zwembadcommissie in het leven geroepen. Hun taak was het zwembad in zijn geheel als onderdeel van de Vereniging te blijven handhaven. Deze eerste zwembadcommissie bestond uit de volgende leden: Piet en Toos Nieuwenhuis, Jan Buiter, Cor v.d. Zouwen, Truus Kerkkamp, Ben en Zus van Zutphen, Harry en Riet Hutjens, Arent Smit en Marty Landhuis.
Door hun inzet en sponsoring werd het zwembad en terras vakkundig gerepareerd en functioneerde weer. Er werd een professionele zwembad-onderhoudsman aangetrokken en er is zelfs èèn jaar een badman (Gino) geweest. Dit bleek echter niet noodzakelijk.
In 1995 ontstond er een controverse tussen Bestuur en zwembadcommissie.
Er werd een Commissie van Goede Diensten in het leven geroepen, die moest bemiddelen tussen Bestuur en zwembadcommissie. Deze commissie bestond uit Ger Beck, Frits Frielink en Wim de Vries (jurist). Het resultaat was dat de zwembadcommissie in zijn geheel aanbleef met de waarborg dat het zwembad bleef voortbestaan, Het Bestuur werd elk jaar op de hoogte gebracht van de uitgaven en inkomsten van de zomergasten en sponsors. Het Bestuur betaalt jaarlijks een vast bedrag. Water en stroom zijn voor rekening van de Vereniging. Er werd (en er wordt nog steeds!) streng toezicht gehouden op het gebruik van het zwembad. In latere jaren kwam Piet Gelens ook bij de zwembadcommissie en toen Marty door opheffing van haar kantoortje beneden bij het zwembad geen toezicht meer op de zwemmers had, nam Marianne Muus deze taak over in 2001. Wegens haar gezondheid kon zij dit echter niet blijven doen en werd Martha Huyboom penningmeester en toeziend commissielid in 2002. Tot op de dag van vandaag (2010) heeft zij deze vrijwillige taak uitstekend verricht. Geen mens zwemt zonder betaald te hebben! Bovendien houdt zij ook de leden via haar leuke gedichten over het zwembad op de hoogte in De Brug. In 2010 kregen het zwembad en terras een grote opknapbeurt. De bloembakken die er vaak verpieterd bij stonden en in 2009 al voorzien waren van een automatische sproeiinstallatie (mede dankzij de hulp van Simon Schaap), werden vervangen door een prachtige muur met een zitbank en in fleurige tegels het woord CLUB LOS HOLANDESES. Het zwembad kan er weer voor jaren mee door.
GROTE VERBOUWINGEN
Toen de Soos wegens de grote ledengroei te klein werd, werd in 1996 onder het bestuur van voorzitter Frits Frielink besloten de Soos uit te breiden. In vorige hoofdstukken werd reeds zijdelings hiernaar verwezen. Er kwam een Bouwcommissie o.l.v. René Kint. De Soos onderging een ware metamorfose!
Zoals eerder geschreven verdwenen de doktersruimte,de bibliotheek en de oude toiletten. De ingang werd naar voren gebracht, zodat er een hal ontstond. Naast deze hal werd een deel van het terras er bij getrokken, waar de nieuwe ruime toiletten (ook een invalidentoilet) kwamen. De grote brede vierkante pilaren werden vervangen door smalle, waardoor de ruimte meer tot zijn recht kwam. Ook de bar kreeg een opknapbeurt en werd groter door een deel van de zijzaal erbij te trekken. De ruimte achter de keuken en opzij van de bar werd bij de keuken getrokken, de zijramen verdwenen. Zo kreeg de keuken dus een bijkeuken en was het resultaat een zeer ruime Soos en bar. Iedereen was tevreden en er was weer plaats genoeg. Nadien zijn er nog wel enkele reparatiewerkzaamheden geweest betreffende grote lekkages maar in 2009 werd onder het bestuur van voorzitter Henk Overmeen het lekkageprobleem rigoureus aangepakt . Dankzij donaties en leningen van leden en een (verplichte) extra bijdrage van € 100,00 per lid werd dit gerealiseerd. De Soos werd een paar weken gesloten en met medewerking van de bewoners boven de Soos werden het dak van de Soos en de terrassen van de bovenbewoners vakkundig gerepareerd.
Mede door de enorme inzet van de technicus van het Bestuur, Henk Murks, en de vele vrijwilligers werd deze enorme klus geklaard en we kunnen met recht zeggen dat de Soos er weer geweldig uitziet voor de viering van het 35-jarig bestaan in november 2010.
De initiatiefnemer Piet Nieuwenhuis, die helaas te vroeg is overleden, zou er trots op zijn dat na 35 turbulente jaren hun Vereniging nog steeds bestaat. Zijn vrouw Toos Nieuwenhuis-de Roy van Zuydewijn, leeft nog steeds en woont in Utrecht in een bejaardentehuis.
Ter eerbetoon aan hen is deze geschiedschrijving begonnen.
In een volgend hoofdstuk worden de vele activiteiten en subclubs vanaf het prille begin beschreven.
Wordt vervolgd, Marty Bron, September 2010
ONZE VERENIGING 35 JAAR
Ontstaan en Geschiedenis van onze Vereniging (8e vervolg)
3. Kantoor en Administratieve Diensten (vervolg)
Samen met Piet Nieuwenhuis verzorgde Marty ook begrafenissen en na-begeleiding. Daar was een apart draaiboek voor, en in 1988 is hieruit het begrafenisfonds ontstaan. Dit fonds werd door penningmeester Bert Norde opgezet en door Wil Koetsier voor de leden en de Vereniging beheerd. De ingeschreven leden kregen een rentepercentage over hun ingelegde geld en de Vereniging kreeg 1% rente, beheerskosten. Het doel was dat er via dit fonds direct geld ter beschikking was voor de begrafenisondernemer. Vooral voor alleenstaanden zeer belangrijk omdat er in het verleden daarover nog wel eens moeilijkheden waren geweest.
In 1992 werd er echter een grote verandering in het lidmaatschap doorgevoerd. Tot nu toe kende men twee soorten lidmaatschap. Het maandelijkse lidmaatschap met het gehele verzorgingspakket en het donateurschap. Donateurs betaalden 1x per jaar, een bedrag dat aanzienlijk minder was. Men had geen stemrecht, maar mocht wel van alle faciliteiten (zwembad, bibliotheek, activiteiten en subclubs) gebruikmaken. Vooral in de winter waren er veel donateurs. Echter door de aansluiting van Spanje bij de Europese Gemeenschap in 1986 en er zich hier veel Nederlandse artsen hadden gevestigd, viel de noodzaak van de meeste servicediensten weg. Onder het bestuur van Bert Kuit (voorzitter) en Bert Norde (penningmeester) werd eind 1991 besloten tot één lidmaatschap over te gaan. Dit werd 5.000 ptas per jaar. Alle leden hadden nu stemrecht maar er waren geen servicediensten meer, alleen het kantoor werd nog een jaar aangehouden. Het ledental groeide aanmerkelijk.
Het kantoor werd definitief gesloten in 1993. Met behulp van het Bestuur opende Marty Landhuis haar eigen administratie- en verzekeringskantoor, van waaruit zij samen met Toos Nieuwenhuis het
verpleegfonds oprichtte. Verpleging voor de leden bleef dus nog steeds mogelijk.